Kennisplatform over betonconstructies

CC 1 of risicoklasse 1
Joop van Leeuwen

woe 20 augustus 2014

Eind juni is het wetsvoorstel 'Wet kwaliteitsborging voor het bouwen' gepubliceerd. Hoewel in de wettekst nog niet over de inhoud van risicoklassen wordt gesproken, vind je er in de memorie van toelichting wel iets van terug. Waar ik niet achter kan komen is wie nu die risicoklassen heeft bepaald. Of gaat bepalen. Want het is nog een ontwerpwetsvoorstel.

Het COBc heeft ooit voorgesteld om geen aparte risicoklassen in het leven te roepen maar aansluiting te zoeken bij de gevolgklassen in de Eurocode. In de oorspronkelijke Eurocode is CC1 bedoeld voor ondergeschikte gebouwen, waarbij een faalkans wordt aangehouden van circa 1 op 1000 gedurende 50 jaar. Dan had je het bijvoorbeeld over agrarische gebouwen. Nu hebben we die klasse in Nederland al verruimd naar grondgebonden woningen en lichte industriegebouwen. Dat betekent dus dat we als maatschappij accepteren dat ongeveer 1 op de 1000 woningen binnen 50 jaar bezwijkt, in plaats van 1 op de 10 000 zoals oorspronkelijk de bedoeling was in NEN-EN-1990 (woningen werden oorspronkelijk ingedeeld in CC2). NEN-EN-1990 vermeldt overigens ook nog expliciet dat menselijke fouten hier niet in zijn meegenomen.

Wanneer we nu via private kwaliteitsborging in risicoklasse 1 willen gaan toestaan dat gebouwen en bouwwerken tot 13 meter hoog, 4 bouwlagen en 1 laag in de grond worden gerealiseerd met uitsluitend toetsing en toezicht door aannemer zelf en/of een architect, begin ik me wel erg ongerust te maken over de constructieve veiligheid. Ik zie een vervolg op de artikelenserie 'de Tikkende Tijdbom' in Cement al voor me. De ervaringen met private controle zijn toch al niet zo goed. Of het gaat om de slager die zijn eigen vlees keurt, de banken of de woningcorporaties, er is altijd wel wat.

Hoe kunnen we deze discussie doorbreken?

In de genoemde artikelenserie werd toen al opgeroepen om toch vooral te controleren en te letten op de samenhang tussen constructie onderdelen. VNconstructeurs heeft al een oproep gedaan te komen met commentaar zodat een gezamenlijke reactie naar het ministerie kan worden gezonden. Daar sluit ik me van harte bij aan.

Ik pleit er hierbij voor om de controle toch vooral verplicht en onafhankelijk (onpartijdig) te maken en niet door een architect of de aannemer zelf te laten doen. Natuurlijk is proportionaliteit van belang en natuurlijk is het ene bouwmateriaal het andere niet. Maar een ervaren constructieve toetser kan met deze variabelen uitstekend omgaan. Mijn voorstel is dan ook om een toets op tenminste de constructieve veiligheid altijd verplicht te stellen.

Joop van Leeuwen

Teamleider Toezicht Handhaving en Constructie bij Stadsbeheer Almere

Lees ook eerdere blogs van Joop van Leeuwen.

Reacties

Copyright 2019 Aeneas Media

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie AccepterenWeigeren