Log in
inloggen bij Cement
Hulp bij wachtwoord
Geen account?
shop word lid
Home / Alle kennis / Artikelen

Minimale wapening in balken

Rekenen in de praktijk (30) Matthijs de Hertog - 1 september 2026

Om bros bezwijken van betondoorsneden te voorkomen, wordt een minimale hoeveelheid wapening voorgeschreven. Deze minimale wapening is de wapening die nodig is om de scheurbelasting op te kunnen nemen, ofwel de combinatie van buigend moment en normaalkracht die in de meest getrokken vezel leidt tot een maximale trekspanning gelijk aan de treksterkte van beton. Hoe deze minimaal benodigde wapening moet worden bepaald, wordt met een rekenvoorbeeld toegelicht.

Case

In deze case wordt op basis van de Eurocode 2 de minimum wapening bepaald van een balk van (b × h) 350 × 500 mm2.

Uitgangspunten

Breedte balk
350 mm
Hoogte balk
500 mm
Betonsterkteklasse
C40/50
Betondekking (tot hart trekwapening)
50 mm

Rubriek Rekenen in de praktijk

Dit is de dertigste aflevering in de Cement-rubriek ‘Rekenen in de praktijk’. In deze rubriek staat telkens één rekenopgave uit de praktijk centraal. De rubriek wordt samengesteld door een werkgroep, bestaande uit: Harm Boel (ABT), Willem van Heeswijk (Heijmans), Dennis Heijl (Heijmans), Friso Janssen (Goldbeck Nederland), Matthijs de Hertog (Nobleo), Jorrit van Ingen (WSP), Jacques Linssen (redactie Cement) en Rick van Middelkoop (Witteveen+Bos).

De artikelen in deze rubriek worden telkens opgesteld door één van de leden van deze werkgroep. Het wordt vervolgens gereviewd door de andere leden en door minimaal één senior adviseur binnen het bedrijf van de opsteller. Ondanks deze zorgvuldigheid, is de gepresenteerde rekenmethode de visie van een aantal individuen.

Voor betonnen balken is de minimale hoeveelheid wapening opgegeven in NEN-EN 1992-1-1, artikel 9.2.1.1. Dit artikel bevat een rekenvoorbeeld hoe de minimaal benodigde wapening in een betonnen balk berekend kan worden. Dit rekenvoorbeeld kan gebruikt worden voor het bepalen van minimale wapening in normale (dunwandige) constructies waarbij geen rekening wordt gehouden met hydratatiespanningen en verhinderde vervormingen.

Uitgangspunten

In dit rekenvoorbeeld wordt uitgegaan van een prefab-betonnen balk met onderstaande eigenschappen:

  • Breedte: 350 mm
  • Hoogte: 500 mm
  • Betonsterkteklasse: C40/50
  • Betondekking (tot hart trekwapening): 50 mm

Opgemerkt wordt dat bij constructies waar de Richtlijnen Ontwerp Kunstwerken (ROK) van Rijkswaterstaat zijn voorgeschreven, bij het bepalen van de minimale wapening een betonsterkteklasse moet worden aangehouden die twee klassen hoger ligt dan de (ontwerp)sterkteklasse (ROK-0082). Rijkswaterstaat kiest hiervoor omdat vanuit duurzaamheidseisen vaak al een minimale cementhoeveelheid wordt geëist die resulteert in een hogere sterkteklasse dan die wordt aangehouden in de berekeningen. Hierdoor kunnen constructies ontstaan die niet meer waarschuwen voor brosse breuk na het optreden van scheurvorming, als de minimale hoeveelheid wapening net voldeed voor de aangehouden sterkteklasse in het ontwerp.

Voor deze balk wordt de minimaal benodigde wapening berekend, uitgaande van drie verschillende scenario’s (uitgaande van belastingen in de uiterste grenstoestand):

  • Op de balk werkt een moment van 40 kNm en een normaaltrekkracht van 25 kN
  • Op de balk werkt een moment van 40 kNm zonder normaalkracht
  • Op de balk werkt een moment van 40 kNm en een normaaldrukkracht van 25 kN

Volledige bericht lezen?

Het volledige item is gratis beschikbaar voor onze leden.
Nog geen lid? meld u aan bij ons netwerk.

Reacties

x Met het invullen van dit formulier geef je Cement en relaties toestemming om je informatie toe te sturen over zijn producten, dienstverlening en gerelateerde zaken. Akkoord
Cement ©2026. All rights reserved.
Slim circulair bouwen met beton: van ambitie naar ontwerppraktijk
Bezoek 5 oktober gratis het symposium