Het ontwerp van het circulaire viaduct over de A76 bij de Daelderweg is in belangrijke mate gebaseerd op het hergebruik van bestaande HNP-liggers uit het voormalige Keizer Karelviaduct. Om dit hergebruik mogelijk te maken, is onderzoek gedaan naar capaciteit van deze liggers. Hierbij zijn enkele liggers tot aan bezwijken beproefd. De gemeten bezwijkbelastingen en waargenomen faalmechanismen zijn geanalyseerd en vertaald naar ontwerpwaarden voor hergebruik, met toepassing van de methode Design Assisted by Testing uit NEN-EN-1990.
Project: A76 Daelderweg
Opdrachtgever: Rijkswaterstaat PPO
Hoofdaannemer: Strukton Civiel Nederland
Ontwerper: Antea Group
Onderzoekspartij: Nebest (en TU Delft)
Dit artikel is het vervolg op een eerder in Cement gepubliceerd artikel ‘Hergebruik liggers in A76’. In dat eerste artikel zijn het oogstproces van de liggers en de ontwikkeling van een testprotocol voor experimentele bezwijkproeven beschreven. In dit tweede artikel staan de resultaten van deze bezwijkproeven centraal. Dit artikel vormt een verdieping en leest het best in samenhang met het eerste deel.
Het gaat in het project om voorgespannen prefab-liggers van het type HNP75/98 (fig. 2). Voor deze liggers ontbreken specifieke ontwerpvoorschriften voor hergebruik. Tegelijkertijd leidt verificatie volgens de huidige Eurocode-regels voor nieuwe constructies tot onvoldoende dwarskrachtcapaciteit, vanwege het ontbreken van effectieve dwarswapening [1]. De normatieve dwarskrachtmodellen uit NEN-EN 1992-1-1 sluiten daarmee onvoldoende aan op het werkelijke gedrag van bestaande prefab-liggers, waardoor hergebruik niet is te onderbouwen met de gangbare rekenmodellen.
Om de liggers toch op een betrouwbare manier te kunnen hergebruiken, is ervoor gekozen de capaciteit te bepalen op basis van testen. In een eerder artikel in Cement is beschreven hoe de liggers zijn geoogst en hoe een testprotocol is ontwikkeld om de werkelijke dwarskrachtcapaciteit experimenteel vast te stellen door middel van full-scale bezwijkproeven. Daarbij lag de nadruk op de praktische uitvoerbaarheid van het oogstproces en de opzet van het experimentele onderzoek. Dit vervolgartikel richt zich op de analyse en interpretatie van de testresultaten.
Reacties