Het leukste aan constructeur zijn vind ik de afwisseling van het maken van berekeningen met het overleggen en overtuigen van ontwerp- en bouwpartners en klanten. Ik kan genieten van een dag op kantoor waarop ik de constructie van top tot teen heb kunnen doorrekenen. Maar ik kom ook tevreden thuis als ik een dag in overleg ben geweest met klanten en we in diepgaande discussies tot de optimale oplossing voor een bijzonder gebouw zijn gekomen. Die ik daarna weer lekker kan doorrekenen. Bovendien vind ik het fantastisch dat ik met een concreet gebouw bezig ben. Je ziet het ontstaan in het proces, eerst op tekening, daarna in het echt. Je kunt het aanraken en mensen kunnen er in wonen en werken.
50?CEMENT?8 2025
Het leukste aan constructeur zijn vind ik de
afwisseling van het maken van berekeningen
met het overleggen en overtuigen van ontwerp-
en bouwpartners en klanten.
Ik kan genieten van
een dag op kantoor waarop ik de constructie van top
tot teen heb kunnen doorrekenen. Maar ik kom ook
tevreden thuis als ik een dag in overleg ben geweest
met klanten en we in diepgaande discussies tot de
optimale oplossing voor een bijzonder gebouw zijn
gekomen. Die ik daarna weer lekker kan doorrekenen.
Bovendien vind ik het fantastisch dat ik met een
concreet gebouw bezig ben. Je ziet het ontstaan in het
proces, eerst op tekening, daarna in het echt. Je kunt
het aanraken en mensen kunnen er in wonen en werken.
Iedereen die enthousiast wordt van het vinden van
een goede constructie, van het uitpuzzelen van een
complexe berekening en van het in detail uitwerken
van een mooie oplossing, is gemaakt voor dit vak. De
vakman en vakvrouw als constructeur.
In juni van dit jaar werden Rob Doomen en Rayaan Ajouz uitgeroepen
tot respectievelijk Constructeur en Talent van het Jaar. In een serie
columns in Cement laten zij hun licht schijnen over een aantal
belangwekkende thema's in het vakgebied. Ze vragen daarbij onder
meer aandacht voor de toegevoegde waarde van de constructeur
en de zichtbaarheid daarvan. In deze vierde aflevering is het de
beurt aan Rob Doomen.
Het bouwen van
constructies is sexy
We hebben ze dan ook hard nodig in de maatschappij.
Als we voldoende willen kunnen bouwen, moeten we
goede constructeurs enthousiasmeren, opleiden en be-
houden in het vak. Dat is echter nog niet zo eenvoudig.
De laatste jaren heb ik meerdere collega's zien ver-
trekken uit het vak. Overgestapt naar ontwikkelaars,
gebouweigenaren, aannemers en bouwmanagers.
Daar worden constructeurs aangenomen, die vervol-
gens geen sommen meer maken, maar projecten gaan
"Er gaat constructief talent verloren aan
maatschappelijk gezien minder relevante functies
dan die van constructeur"
Constructeur van het Jaar
Rob Doomen
IR. ROB DOOMEN RO
45 jaar
WERK
2010 ? heden
Partner Pieters
2003 ? heden
Constructeur Pieters
OPLEIDING
1998 ? 2004
TU Delft
Civiele Techniek,
Mechanica en
Constructies +
Bouwtechniek en
Bouwproces
CEMENT 8 2025 ?51
Het bouwen van
constructies is sexy
constructeur van het jaar (4)
managen. Vanuit die partijen snap ik het wel. Con-
structeurs zijn slimme lui die elke organisatie beter
maken. Maar hoewel ik iedereen het geluk gun in een
passende baan, vind ik dit toch irritant. Er gaat con-
structief talent verloren aan, in alle bescheidenheid,
maatschappelijk gezien minder relevante functies dan
die van constructeur. En natuurlijk, die partijen hebben
we ook nodig. Er is immers een tekort aan woningen
en aan handjes in de bouw. Maar de realiteit is dat
veel van deze talenten in een onnodige managersrol
terechtkomen en nauwelijks een concrete bijdrage
leveren aan het tot stand komen van gebouwen. Waar
bij aannemers steeds minder mensen werken die de
handjes uit de mouwen willen steken, lopen we bij
ingenieursbureaus het risico dat er steeds minder men-
sen komen die modellen, berekeningen en ontwerpen
willen maken. Het wordt als sexy ervaren om je bezig
te houden met trainingen voor strategie, communica-
tie, samenwerking, kwaliteitstools, optimalisatietools,
leiderschapsoefeningen en om aan DISC-sessies mee
te doen. Leuk als bedrijfsuitje, maar naar mijn idee
verder een zinloze tijdsbesteding. Soft skills leer je in
het vak, niet in een ronde kring met leeftijdsgenoten.
Ik zie twee punten waar we wat aan moeten veranderen:
1. De managersrol wordt dynamischer en veelzijdiger
gevonden dan het constructeurschap.
2. Er is een gebrek aan (bouw)kennis bij constructeurs
(overigens ook bij opdrachtgevers en aannemers),
waardoor men zoekt naar houvast bij partners.
Voor constructeurs heb ik een concreet voorstel om
dit te verbeteren. Op het HBO en op de TU zijn stages
in de bouw afgeschaft of op zijn minst ongebruikelijk
geworden. Als gevolg hiervan moeten we jonge men-
sen opleiden in het vak. Daarom stel ik voor dat we
een verplichte bouwstage invoeren voor constructeurs.
Wat als alle werkzame constructeurs een dag per week
in de bouw moeten werken? Bij voorkeur als timmer-
man en -vrouw, of anders in de werkvoorbereiding.
Ik durf te wedden dat door wat ze daar leren, ze uit
eindelijk in die andere vier dagen meer werk verzetten
dan voorheen in de vijf dagen. Simpelweg omdat ze
beter weten wat ze doen. En als je dit te ambitieus
vindt, laten we er dan op zijn minst voor zorgen dat
de jonge constructeurs wekelijks op de bouwplaats
komen. Je kunt het opleidingsbudget van de mensen
niet beter besteden.
De verbetering van bouwkennis en nauwere samen-
werking tussen uitvoering en constructeurs betaalt zich
uit in meer veiligheid, meer dynamiek, meer zelfstan-
digheid van (jonge) constructeurs en uiteindelijk meer
populariteit van het constructeursvak.
Al met al pleit ik voor resultaatgericht werken, waarbij
het resultaat behaald wordt door concreet bij te dra-
gen aan het gebouw. Laat je zo weinig mogelijk aflei-
den door onnodige, niet-concrete (management)taken.
Bedenk elke week hoeveel tijd je daadwerkelijk aan
ontwerp, berekeningen en tekeningen hebt besteed.
En dan roep ik je op om de overige uren te benutten
om de bouwplaats te bezoeken, ervoor te zorgen dat
je leert van het bouwproces en de uitvoering helpt om
de bouw soepel te laten verlopen. Of ga een cursus
volgen, niet voor soft skills, maar waar je inhoudelijk
wordt bijgeschoold.
Serie Constructeur van het jaar
In juni van dit jaar werden Rob Doomen en Rayaan Ajouz uitgeroepen tot respectievelijk Constructeur en Talent van het Jaar. In een serie columns in Cement laten zij hun licht schijnen over een aantal belangwekkende thema’s in het vakgebied. Ze vragen daarbij onder meer aandacht voor de toegevoegde waarde van de constructeur en de zichtbaarheid daarvan. In deze vierde aflevering is het de beurt aan Rob Doomen.
Iedereen die enthousiast wordt van het vinden van een goede constructie, van het uitpuzzelen van een complexe berekening en van het in detail uitwerken van een mooie oplossing, is gemaakt voor dit vak. De vakman en vakvrouw als constructeur. We hebben ze dan ook hard nodig in de maatschappij. Als we voldoende willen kunnen bouwen, moeten we goede constructeurs enthousiasmeren, opleiden en behouden in het vak. Dat is echter nog niet zo eenvoudig.
De laatste jaren heb ik meerdere collega’s zien vertrekken uit het vak. Overgestapt naar ontwikkelaars, gebouweigenaren, aannemers en bouwmanagers. Daar worden constructeurs aangenomen, die vervolgens geen sommen meer maken, maar projecten gaan managen. Vanuit die partijen snap ik het wel. Constructeurs zijn slimme lui die elke organisatie beter maken. Maar hoewel ik iedereen het geluk gun in een passende baan, vind ik dit toch irritant. Er gaat constructief talent verloren aan, in alle bescheidenheid, maatschappelijk gezien minder relevante functies dan die van constructeur. En natuurlijk, die partijen hebben we ook nodig. Er is immers een tekort aan woningen en aan handjes in de bouw. Maar de realiteit is dat veel van deze talenten in een onnodige managersrol terechtkomen en nauwelijks een concrete bijdrage leveren aan het tot stand komen van gebouwen. Waar bij aannemers steeds minder mensen werken die de handjes uit de mouwen willen steken, lopen we bij ingenieursbureaus het risico dat er steeds minder mensen komen die modellen, berekeningen en ontwerpen willen maken. Het wordt als sexy ervaren om je bezig te houden met trainingen voor strategie, communicatie, samenwerking, kwaliteitstools, optimalisatietools, leiderschapsoefeningen en om aan DISC-sessies mee te doen. Leuk als bedrijfsuitje, maar naar mijn idee verder een zinloze tijdsbesteding. Soft skills leer je in het vak, niet in een ronde kring met leeftijdsgenoten.
Ik zie twee punten waar we wat aan moeten veranderen:
- De managersrol wordt dynamischer en veelzijdiger gevonden dan het constructeurschap.
- Er is een gebrek aan (bouw)kennis bij constructeurs (overigens ook bij opdrachtgevers en aannemers), waardoor men zoekt naar houvast bij partners.
Voor constructeurs heb ik een concreet voorstel om dit te verbeteren. Op het HBO en op de TU zijn stages in de bouw afgeschaft of op zijn minst ongebruikelijk geworden. Als gevolg hiervan moeten we jonge mensen opleiden in het vak. Daarom stel ik voor dat we een verplichte bouwstage invoeren voor constructeurs. Wat als alle werkzame constructeurs een dag per week in de bouw moeten werken? Bij voorkeur als timmerman en -vrouw, of anders in de werkvoorbereiding. Ik durf te wedden dat door wat ze daar leren, ze uiteindelijk in die andere vier dagen meer werk verzetten dan voorheen in de vijf dagen. Simpelweg omdat ze beter weten wat ze doen. En als je dit te ambitieus vindt, laten we er dan op zijn minst voor zorgen dat de jonge constructeurs wekelijks op de bouwplaats komen. Je kunt het opleidingsbudget van de mensen niet beter besteden.
De verbetering van bouwkennis en nauwere samenwerking tussen uitvoering en constructeurs betaalt zich uit in meer veiligheid, meer dynamiek, meer zelfstandigheid van (jonge) constructeurs en uiteindelijk meer populariteit van het constructeursvak.
Al met al pleit ik voor resultaatgericht werken, waarbij het resultaat behaald wordt door concreet bij te dragen aan het gebouw. Laat je zo weinig mogelijk afleiden door onnodige, niet-concrete (management)taken. Bedenk elke week hoeveel tijd je daadwerkelijk aan ontwerp, berekeningen en tekeningen hebt besteed. En dan roep ik je op om de overige uren te benutten om de bouwplaats te bezoeken, ervoor te zorgen dat je leert van het bouwproces en de uitvoering helpt om de bouw soepel te laten verlopen. Of ga een cursus volgen, niet voor soft skills, maar waar je inhoudelijk wordt bijgeschoold.
Curriculum Vitae ir. Rob Doomen
Leeftijd
45 jaar
Werk
2010 – heden
Partner Pieters
2003 – heden
Constructeur Pieters
Opleiding
1998 – 2004
TU Delft, Civiele Techniek, Mechanica en Constructies + Bouwtechniek en Bouwproces
Reacties
Hugo van Daal - 8Beaufort 30 april 2026 10:25
Klassiek dilemma, niet alleen in bouw wereld. Maar ook krachteloos verhaal ergens. Wat is er dan sexy ? Het wordt sexy als je als constructeur niet alleen een mooi theoretisch gebouw ontwerpt maar ook een oplossing bied voor totale kwaliteit en efficiency bij implementatie, de bouw zelf. Daar zit geld in en impact. Lang en breed is dat voor een mens altijd hetzelfde, gezien worden en echte impact hebben en dat is sexy. Dus neem het artikel van Frank van der Woerdt in deze serie en ontwerp met je constructie een mal voor in de bouw die poka yoke is en foolproof zodat alle ankers passen. Dan maak je het verschil. Dan claim je de status en opleiding van meester constructeur, beter betaald, meer impact en meer sexy :)
Ruud Arkesteijn - Mobilis B.V. 12 december 2025 13:15
De spijker op z'n kop! De eerste paragrafen beschrijven de devaluatie van het constructeursvak in een wereld waarin het belang van veilige én duurzame bouwtechniek juist groter wordt. Tegelijkertijd worden veel bouwprojecten "plat-gemanaged" waarbij techneuten steeds meer aan de zijlijn staan. De nieuwe contractvormen in de bouw dragen hier vermoedelijk ook aan bij. Aan de twee door Rob genoemde veranderpunten wil ik graag een derde toevoegen: 3. Bouwtechniek moet (weer) centraal komen te staan binnen een bouwproject. Ontwerpers moeten weer ontwerpkeuzes maken en niet de procesmanagers. Mijn visie: als je bouwtechnici zoals de constructeur, geotechneut, installatie-specialist, betontechnoloog, brandveiligheidsdeskundige, enz. samen opsluit in een hok (of een kantoor) mét een duidelijk projectdoel en -scope, dan wordt er een veel slimmer ontwerp én gebouw gemaakt dan wanneer je dit overlaat aan een tafel voor procesmanagers.