?
?onderzoek ?betontechnologie
dr.ir.K.
van
Breugel,
ir.S.J.Lokhorst
en
ir.E.A.B.Koenders,
TechnischeUniversiteitDelft
Redenenwaarom
we
ons
bekommeren
om
het
jongebetonzijnonder
meer
de
sterkteont
wikkeling
en
de
kans
op
scheurvorming.
Voorzover
het
scheurvormingbetreft:scheuren
tredenopals
de
treksterkte
wordtoverschreden.Spanningen
ontstaan
als
volumeveran
deringenwordenverhinderd.Volumeveranderingenkunnen
het
gevolgzijnvan
warmte
ontwikkeling
envanverhardingskrimp.
Warmteontwikkeling
resulteert
in
uitzetting
van
het
beton.
Bijeen
aanvankelijk
lage
waarde
van
de
elasticiteitsmoduluszullenbijverhin
derde
uitzetting
geringe(druk-)spanningenworden
ontwikkeld.
In
de
afkoelfase,
wan
neerinmiddels
een
aanzienlijke
stijfheidisopgebouwd,tredentrekspanningenop.Bijde
zetemperatuurtrekspanningenmoeten
eventueeloptredende
krimpspanningenworden
opgeteldom
de
resulterendetrekspanningen
te
krijgen.
Uit
een
vergelijking
van
de
resul
terende
trekspanningen
met
de
Inmiddels
bereikte
treksterkte
kunnen
vervolgenscon
clusiesworden
getrokken
over
de
kans
opscheurvorming.
Het
hier
geschetste
mechanis
me
isvoldoende
bekend
en
behoeft
geen
verderetoelichting.
In
deze
aflevering
gaat
om
de
vraag
Inhoeverreen
met
welke
nauwkeurigheid
de
tempera
tuurontwikkeling
enbijbehorendetemperatuurvervormingenin
jong
beton
numeriek
zijn
te
voorspellen.Tevens
wordt
aandacht
geschonkenaan
hetfenomeen
verhardingskrimp.
HET
GRIJZE
GEBIED
VAN
HET
JONGE
BETON
(n)
TEMPERATUUR-
EN
KRIMPVERVORMINGEN
TemperatuurberekeningenDifferentiaalvergelijkingvanFourierVolgensSwenson
[1]
is
het
Yoshidageweest,diein
1921
alséénvan
de
eerstenpogingen
heeft
gedaanomdetemperatuurontwikkelinginverhardend
beton
te
berekenen.
Een
aantal
jarenlaterwashetWerner,
diemetbehulp
vangrafiekenvoorspellingendeed
overhettempe
ratuurverloop
in
depijlersvandeVasterBridge
in
Stockholm.Hetverschil
tussen
devoorspel
deen
de
gemetenmaximum-temperatuurbedroeg
niet
meer
dan5
·C.
In
dejaren
dertigver
schijnteengrootaantalartikelenvanAmerikaansebodem,waarinberekeningsprocedures
wordenbesproken
voor
detemperatuurontwikkelingin
massabeton.lnteressant
isdebouw
geweestvandeBroadwayBridge
in
Canada
in
1932
(foto
1),waarvan
ook
uitgebreidetempe
ratuurmetingenbekendzijn.
~
@
BroadwayBridge,Saskatoon(Canada),
gebouwd
in
1932
tijdenswinterseizoen
[lJ
CEMENT1996/1
23
?
?onderzoek ?betontechnologie
Vrijwel
al
dezeberekeningsprocedureswarengebaseerdopdediffe
rentiaalvergelijkingvanFourier:
Om
recht
te
doenaandeS-vormvandewarmteproduktiekromme
wordtookweltoegepast(fig.2):
Q(t)
=
Q""
?
e -
(tjt)~
(4)
waarin:
a
e
isdetemperatuur-vereffeningscoëfficiënt(m
2
?
h-
1
);
T
=
T(x,y,z,t)
is
detemperatuurvan
het
beton
(K);
Q(x,y,z,t)
isde'bronsterkte'(per
kg
cement)(kJ
.?
kg-
1
?
h-
1
);
x,y,z
zijncoördinaten(m);
t
isdetijd(h);
C ishetcementgehalte
(kgjm
3
);
Cc
is
desoortelijkewarmtevanbeton
(kj
?kg-l.
K-
1
);
Pc
isdevolumiekemassavanbeton
(kgjm
3
).
waarinzowel
t
als
~
experimenteelbepaaldeconstantenzijn.
In
beidegevallenwordt
er
vanuitgegaan,
dat
dewarmteproduktiein
elkpuntvan
het
betonlichaamhet
met
deproduktiekromrnevoorge
schrevenpadvolgt.Reedsin
1937
weesCarlson
[2]
erop,
dat
ditniet
juistkonzijn.
In
het
hartvaneenconstructie,waardewarmteniet
snelkanafvloeien,looptdetemperatuuropenzaldereactiesneller
gaanverlopendanaandekouderebuitenzijde.Ditkomt
erin
feiteop
neer,
dat
voorelkpuntvan
deconstructie
eenkarakteristiekereac
tiesnelheidgeldt,behorende
bij
hettemperatuurverloopinhetbe
schouwdepunt.
waarin
Ac
(W
?
m-
1
?
Kl)
detemperatuurgeleidingscoëfficiëntvan
het
beton
is.
Bijjongbetonkan
er
nietzondermeervanwordenuitge
gaan
dat
dethermischeeigenschappentijdens
het
verhardeneen
constantewaardehebben.DitmogelijknieHonstant-zijnvande
thermischeeigenschappenen
de
aanwezigheidvandewarmtebron
Q(x,y,z,t)
makeneengeslotenoplossingvandedifferentiaalvergelij
kingonmogelijk.Daarom
moet
gebruikwordengemaaktvandeeindi
ge-elementenmethode
of
eindige-differentiemethode.Dezelaatste
methodewordtvrijveelgebruikt,vooralwanneerbeperking
tot
één
of
tweedimensionalewarmtestromingmogelijk
is.
Over
het
effectvandebetontemperatuuropdereactiesnelheidwas
destijdsnogweinigbekend.Inmiddelsweten
we
meeren
zijn
we
in
staatom,uitgaandevaneenkarakteristiekewarmteproduktiekrom
me,waarvandetemperatuurtijdensdereactiebekendis,dereactie
snelheid
bij
elkanderwillekeurigtemperatuurverloop
te
berekenen.
In
demeeste
in
Nederlandgebruikterekenprogramma'swordtalska
rakteristiekewarmteproduktiekrommedeadiabatischeverhar
dingskrommeaangehouden,kortwegdeadiabaatgenoemd.
Een
adiabaat
Qa(t)
is
deverhardingskrommediedewarmteontwikkeling
beschrijftineenproceswaarbijallevrijkomendewarmtevolledig
wordtbenutvoorhetopwarmenvanhetbeton.Tussendehoeveel
heidontwikkeldewarmteQ.(t)endeadiabatischeternperatuurstij
ging
Ta(t)
geldtdebetrekking:
Voordetemperatuur-vereffeningscoëfficiënt
a
e
geldt:
Ac
aC
=
---
Pece
(2)
T.(t)
=
Qa(t)
?
C
(5)
BronsterkteVan
cruciaalbelangvooreengoedetemperatuurberekeningiseen
juistebeschrijvingvandebronsterkte
Q(t).
Debronsterktegeeftde
warmteproduktie
in
detijdaan.
In
het
verledenisvaakgerekend
met
dewarmteproduktiekromme
(fig.
2):
Q(t)
=
Q""
?
(1-
e-
rt
)
(3)
Ervanuitgaande
dat
dewarmtecapaciteitpeceeenconstante
is,
isde
vormvandeadiabatischetemperatuurkrommeidentiekaandevorm
vandeadiabatischewarmteproduktiekromme.
In
figuur3aishetver
loopvaneenadiabaatschematischeweergegeven(krommea).
In
eenniet-adiabatischproces,
met
eenprocestemperatuur
Tp(t)
~
T.(t)(krommeb),zaldewarmteproduktiewordenvertraagdenuitein
delijkeenverloophebben,alsweergegeven
met
kromme
c.
~t
waarin
Qoo
(kj
.
kg-
1
)
deindepraktijkoptredendemaximalewarmte
produktie
is
enreenconstante.
@
Warmteproduktiekrommen
of
'bronsterkte',toegepast
in
tradi
tionelerekenprogramma's
(6)
waarin:E
A
isde'schijnbareactiveringsenergie'
(kJ'
mol
1);
Risdeuniverselegasconstante
(R
=
8,31
J .
mol-.1
.
Kl);
T.;j
en
Tp;j
zijndetemperaturen
(K).
_ E
A(
Tp;j)
.
T.;j
-
Tp;j
AQp;j+l
=
AQa;j+1
. e R T.;j'
Tp;j
Voorhetnumeriekbepalenvandeprocestemperatuur
Tp(t)
endebij
behorende'proceskromme'
Qit)
wordtalsvolgttewerkgegaan.Stel
dat
in
eenwillekeurigpuntioptijdstipGdebetontemperatuur
Tp;j
be
draagtendehoeveelheidontwikkeldewarmte
Qp;j
(fig.3a).
Als
het
procesindevolgendetijdstap
AG
+
1
volgensdeadiabatischeverhar
dingskromme
zou
verlopen,danzoueenhoeveelheidwarmtewor
denontwikkeld,grootAQa;j+1'Detemperatuur
Tp;j
vanhetbetonaan
het
beginvandebeschouwdetijdstap
is
in
dit
gevallagerdandeadia
batischetemperatuur
Ta;j'
De
warmteproduktie
AQp;j+1
bij
dezelage"
re
temperatuurwordt
nu
berekenduitdebekendeadiabatische
warmteontwikkeling
met
behulpvandebetrekking:
---
--
--
,/
/
/
1/
/
1
/
24
CEMENT1996j1
---Qa;j---Qp;j
OCh;jc
b
.+-._.
I
------
.O.tj+1
-----3
~J
/-
------
I /
----
-l
1./
_--
1-
!-/~~~---~C
~j~~~_~~_
_J~QP;j+1
~
J/
I
I
I
~
I
I
i
I
I
I I
O....jL~~...;.I~--r-1
~~~~~~~~~~
tj
tj+1
l:tj+1~
~tijd
a uo
L.::J::J1ü
Ta;j
~
Tp;j
ElIJ
ol-
®
Procedurevoorbepalenvantemperatuurinvloedopreactiesnel
heid-schematisch
a.
grafischeweergaverekenalgoritme1.
adiabaat
Qa(t)
2.temperatuur
Tp(t)
3.proceskromme
QP(t)
b.
temperatuurverloop
C.
hydratatiegraadah(t)
Nadatvoorelkpuntindeconstructiedewarmteproduktie
in
detijd
stap
~~+1
isbepaald,kunnendebijbehorendetemperatuurstijgin
genwordenbepaald,gebruikmakendvanbetrekking
(5).
Langsnu
meriekewegwordtvervolgens
het
nieuwetemperatuurveldbepaald.
Ditgeeftvoorhetbeschouwdepuntdenieuwetemperatuur
T
p
;j+1'
HydratatiegraadenreactiegraadVoorderesulterendewarmteproduktie
Qp;j+l
inhetbeschouwde
puntioptijdstip
t
j
+1
geldt:
(3)
en
(4)
).
Hetvoordeelvanhetwerken
met
dereactiegraad
is,
dat
dewaardevan
Qoo
gemakkelijkuiteenadiabatischeproefis
afte
lei
den.Hetnadeelis,
dat
veelbeschikbareinformatieoverderelatie
tussenhydratatiegraadenmateriaaleigenschappenbuiten bereik
blijft,tenzij
in
eenconcreetgevaldecorrelatietussendehydratatie
graadendereactiegraadbekend
is.
BepalinghydratatiegraaduitgemetentemperatuurIn
debeschrevenrekenprocedurewordtdeprocestemperatuur
Tp(t)
stapsgewijsnumeriekbepaald.Deze
procestemperatuurisnodig
omdewarmteproduktie
in
elkevolgendetijdstap
te
kunnenbepalen.
In
plaatsvande
numeriekbepaalde
temperatuurkanookgebruik
wordengemaaktvande
in
eenconstructie
gemeten
temperatuur.
Met
behulpvandezegemetentemperatuuren
devoor
het
betreffen
demengselvantoepassingzijndeadiabaat,kanzohetverloopvan
dehydratatiegraadindeconstructiewordenbepaald.Ditisvanuiter
mategrootbelang
voor
hetoperationeelmakenvandehydratatie
graadalsessentiëleparametervoorhetbeschrijvenvandeontwik
kelingvandesterkte,stijfheidenspanningeninverhardendbeton!
In
[3]
bleek
dat
dehoeveelheidontwikkeldewarmteeenmaatisvoor
dehydratatiegraad
uh(t).
Deproceskromme
Qp(t)
kanderhalve
ook
wordengezienalseenbeschrijvingvandehydratatiegraadinhetbetreffende
punt
volgens:
(8)
waarin
Qmax
(kj/kg)
dewarmteproduktieisbijvolledigehydratatie
vanhetaanwezigecement.
Qmax
isafhankelijkvandechemischesa
menstellingvan
het
cement.Voorportlandcementgeldenwaarden
voor
Qmax
tussen
400
en
500
kj/kg.
De
hiergeschetsterekenprocedurekan
nu
voorelkevolgendetijd
stapwordenherhaald.
Per
saldolevertdithettemperatuurverloop
Tp(t)
enhetverloopvandehydratatiegraad
ah(t)
voorelkwillekeurig
puntvandedoorsnede.Schematischis
dit
weergegeven
in
defigu
ren
3b
en3c.
In
eenaantalrekenprogramma'swordtgewerkt
met
dereactiegraad
ar
in
plaatsvan
metde
hydratatiegraad
ah'
De
reactiegraadwordtbe
rekenddoordegeproduceerdewarmte
Qp
te
delendoorde
in
de
praktijk
te
verwachtenmaximalewarmteproduktie
Qoo
(zieformules
TemperatuurgevoeligheidFormule
(6),
waarmeeheteffectvandetemperatuuropdereactie
snelheidisberekend,
is
gebaseerdophetwerkvanArrhenius.Arrhe
niusonderzochtaanvankelijkdetemperatuurinvloedopreactiesvan
suikerinwater.Hetdoorhemontwikkelde'activeringsenergie-con
cept'
is
vantoepassinggeblekenopeengrootaantalchemische
en
fysischeprocessen
[4].
Er
tredenechtercomplicatiesopwanneerverschillendetypenreac
tiesenprocessentegelijkertijdplaatshebben.
Te
denkenisaanop"
pervlaktereacties(chemisch)endiffusieprocessen(fysisch).Syste
menwaarinkorrelsvanverschillendeafmetingaandereactiedeel
nemenschikkenzichooknietzondermeernaar
dit
concept.
Dit
wordtnognadrukkelijkerhetgeval,wanneerdekorrelsuitverschil
lendecomponentenbestaan.
Bij
dereactievancement
met
water
hebben
we
met
al
dezecomplicerendefactoren
te
maken.Wat
we
op
macro-niveauwaarnemenvan
de
temperatuurgevoeligheidvanhet
verhardingsproces,isinwezeneen'gewogengemiddelde'vande
temperatuurgevoeligheidvanverschillendegelijktijdigoptredende
processenenmechanismen.
Om
dezeredenspreken
we
vaneen
'schijnbare'activeringsenergie
E
A
,
diegeenconstanteismaareen
functievanondermeerhettypecement,dehydratatiegraaden-
Arr
henius
gaf
dat
zelfook
al
aan-vandetemperatuur.
~
CEMENT1996/1
25
?
?onderzoek ?betontechnologie
Tabel
1
Temperatuur-vereffeningscoëffiCiënt
a
e
engeleidingscoëfficiënt
À
e
van
beton
[7,
8J
ThermischerandvoorwaardenVan
grootbelangvooreenbetrouwbaarresultaatvaneentempera
tuurberekeningiseengoedemodelleringvandethermischerand
voorwaarden.
Waardenvoordewarmteovergangsweerstandkunnenaandelitera
tuurwordenontleend[11].Enkeleaspectenverdienenbijzondere
aandacht.
Zo
kunnenregenenwindzorgenvooreenaanzienlijkeda
lingvandewarmteovergangsweerstand.Vooralkortna
het
ontkisten
kan
dit
aanleidinggeven
tot
snelleafkoelingengrotetemperatuur
gradiëntenaan
het
betonoppervlak.
Het
verhardingsproces
in
de
buitenstezonevaneenconstructieisookgevoeligvooropwarmen
doorzonbestraling.Vooralindunneconstructie-elementenkandit
gemakkelijkleiden
tot
eenextratoenamevandemaximum-tempe"
ratuur
met
5
à
15°C.
Naasthet
directeeffectvanzonbestralingopde
betontemperatuurkan
zonbestralingookindirecteffectsorteren
dooropwarmenvandebekisting.Vooralineenzware,massievebe
kistingkanveelwarmtewordenopgeslagendielateraan
hetpas
ge"
storte,kouderebetonwordtafgegeven,wat
tot
eenversnellingvan
het
verhardingsprocesleidt.
Voorconstructiesdiedirectopdeondergrondwordengestort,is
het
vanbelangdethermischeeigenschappenvandegrondgoedmee
te
nemen.Goederesultatenzijnbereikt
met
berekeningenwaarineen
grondmassiefwerdmeegenomen
met
eendiktegelijkaan
0,8
à
0,9
maaldediktevanhetconstructie-element
[12].
Aanzienlijkafwijken
detemperaturentredenopalsmen,eenvoudigheidshalve,degrond
modelleertalsware
het
eenisolatielaag
met
eenzekeredikte.
VolumeveranderingenHetverhardenvanbetongaatgepaardmetvolumeveranderingen.
In
het
volgendebeperken
we
ons
tot
enkeleopmerkingenoverdether
mischeuitzettingscoëfficiëntendeverhardings-
of
autogenekrimp.
Volumeveranderingenalsgevolgvanplastischekrimpeneventuele
zwellingwordenbuitenbeschouwinggelaten.
diequanauwkeurigheidvergelijkbaarzijn
met
berekeningsresulta
tenopbasisvan
het
activeringsenergie-concept.
Thermischeeigenschappen
De
uitkomstenvaneentemperatuurberekeningzijnbehalvevande
bronsterkte,ookafhankelijkvandethermischeeigenschappenvan
hetverhardendebeton.Deze
zijn
inbelangrijkemateafhankelijkvan
de
thermischeeigenschappenvan
het
toeslagmateriaalenvande
porositeit,
het
vochtgehalteendevolumiekemassavanhetbeton.
Aangeziendeporositeitenhetvochtgehaltetijdens
het
verharden
wijzigen,zullenookdethermischeeigenschappenvanverhardend
betonnietconstantzijn.
Tabel1geeftenkelerichtwaardenvoordetemperatuur-vereffenings"
coëfficiënta
e
endewarmtegeleidingscoëfficiënt
À
e
.
Hetbetrefthier
waardenvoorverhardbeton.
In
[9]
wordtgeconcludeerd,
dat
een
toenamevandehydratatiegraadgepaardgaat
met
eengeringetoe
namevandediffusiecoëfficiënt.
Inde
literatuurzijnechterookaan
wijzingenvooreentegengesteldetendens
te
vinden
[10].
Geletopderelatiefgeringeinvloedvandehydratatiegraadopde
thermischeeigenschappen,is
het
vooralsnog
te
billijkenomhiervoor
constantewaardenaan
te
houden.Vooreengoedresultaatvaneen
temperatuurberekeningiseengoedeinschattingvandethermische
eigenschappenvan
het
toeslagmateriaalstelligvangroterbelang
daneenzeergedetailleerdebeschrijvingvan
het
effectvandehydra
tatiegraadopdethermischeeigenschappen.
60
fA
=30
kJ/mol
50
40
o
10
20
30
~---r---+!
--+1
~-rj
--r--""ljr----"
K
273 293
313
333
~
temperatuur
5
Qj
~I
:5+_-...-_--,-
__
t-_
....
_.-_--r_--,
70
0
(
3
Naast
het
activeringsenergie-concept wordtookgebruikgemaakt
vanhet'Rastrupconcept'
[6].
Ditconcept,genoemdnaardeDeen
Rastrup,isgebaseerd
opeen
bekendevuistregeluitde chemie,
waarbijwordtuitgegaanvaneenverdubbelingvan
de
reactiesnel
heidbijeenverhogingvandetemperatuur
met
10°C.
Met
adequate
modificatiesvanditconceptkunnenresultatenwordenverkregen,
2 4
@
Relatievereactiesnelheid
K
rel
=
KT/KT~2()"
alsfunctie
van
de
reactietemperatuurTvolgens
het
:4ctiveringsenergie-concept'.Acti
veringsenergieE
A
alsparameter
a.
Deenscement
b.Zweedscement
In
figuur4isvooreenaantalcementsoorten,respectievelijkvoorver
schillendewaardenvan
de
activeringsenergie,deinvloedvande
temperatuuropdereactiesnelheidweergegeven.
Op
deverticaleas
isderelatievereactiesnelheid
K
rel
=
K
T
/
K
2o
'
aangegevenalsfunctie
vandereactietemperatuur
T;
KT
=
IJ,.Q(T)/
Men
K
20
?=
IJ,.Q(200)/
IJ,.t.
In
depraktijkwordenredelijkgoederesultatenbereikt
met
waarden
voorE
A
tussende
30
en
40
kj
?
mol-
1
(zieook
[5]).
26
CEMENT1996/1
Thermischeuitzettingscoëfficiënta
c
De
thermischeuitzettingscoëfficiëntvan
het
pasgestortebetonis
af
te
leidenuitdethermischeeigenschappenvandesamenstellende
delen.Water,
dat
eenuitzettingscoëfficiëntheeftdiecircavijfmaal
groterisdanvanverhardbeton,heeft
in
devroegefasevandever
hardingeenrelatiefgroteinvloed.Kort
nadat
debindingisgestart,is
vaneendominanteinvloedvan
het
watergeensprakemeer.
Bij
toe
nemendeouderdom
neemt
deuitzettingscoëfficiëntenigszinsaf.
Het
in
Nederlandgebruikelijkegrindbetonheefteenuitzettingscoëf
ficiëntvan
10
à
12
.10-
6
Kl.
Voorkalksteenbetonligtdezewaarde
bij6,1
à
7,5.10-
6
Kl
[13].
®
Autogenekrimp
van
cementpasta
met
water-cementfactor
=
0,3
-
metingen[16J
®
Poriënsysteemencapillairwaterincementsteen-schematisch
[SJ
100168
144
120
10
96
72
geadsorbeerd
water
capillairwatergel
1 1
f---
--
""
r'\.
1\
"
'"
I').
"""
r--
0,1~
tijd
(dagen)
b
+
(
".....-+
j
~
a-a
Iij~
(
Ij(
~---
t...::J
~40
Reacties