Kennisplatform over betonconstructies

Hoe moet het verder zonder Wkb?
Erik Midddelkoop

di 17 juli 2018

Op 16 maart 2017 publiceerde ik de column ‘Hoe moet het verder zonder BWT?’. Ik ging ervan uit dat de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) er ging komen. In juli 2017 ging het in de Eerste Kamer echter mis met de wet en sindsdien is het onduidelijk hoe het verder moet. Hoewel de verwachting is dat de Wkb uiteindelijk toch wel wordt ingevoerd, is dit het moment om er nog een keer goed naar te kijken.

In het huidige bestel stelt de Rijksoverheid eisen aan bouwwerken en gemeenten moeten ieder bouwplan toetsen. Wanneer een bouwplan niet aan de wet voldoet, krijgt de indiener geen vergunning of wordt de bouw stilgelegd. Maar overtreders krijgen geen boete of andere sanctie opgelegd. Er worden geen eisen gesteld aan het bouwproces, de kwaliteitsbewaking en de deskundigheid van de bouwers. Wanneer we het vergelijken met het verkeer, dan is er een verkeerswet en de politie controleert maar deelt geen boetes uit. Je hebt geen rijbewijs nodig en de auto wordt ook niet gekeurd. Het is dan ook niet vreemd dat bij controles blijkt dat er veel overtredingen zijn.

Iedereen is het erover eens dat er iets moet veranderen. Het proces om daartoe te komen, begint aardig op een soap te lijken en ondertussen brokkelt het huidige stelsel af doordat er steeds minder wordt gecontroleerd.

Je kunt de oplossing in twee richtingen zoeken. De overheid trekt de touwtjes aan of de overheid trekt zijn handen er vanaf. Al jaren is er een meerderheid in Den Haag voor de tweede optie onder het motto ‘privaat wat kan’. Dirk-Jan Kluft pleitte onlangs in zijn blog ‘Stop de wildgroei aan toetsende constructeurs’ voor meer regie en beleid en juist niet voor verder terugtrekken van de overheid. Ook op het vlak van BIM heeft Nederland ervoor gekozen iedereen helemaal vrij te laten. Daardoor is er geen Nederlandse standaard, wat samenwerking in bouwprojecten bemoeilijkt. Als gevolg hiervan zal een buitenlandse standaard op termijn de standaard worden en staan de Nederlandse bedrijven internationaal op achterstand.

De markt, dat zijn wij dus, zit er niet altijd op te wachten om alle ruimte te krijgen. Sommige dingen kun je als markt niet zelf regelen omdat de bevoegdheden nu eenmaal bij de overheid liggen. Dan kun je wel naar de ondernemersorganisaties en brancheverenigingen kijken, maar dat is net als aan de ANWB vragen of ze er even zelf voor willen zorgen dat niemand te hard rijdt.

“Dat is net als aan de ANWB vragen of ze er even voor willen zorgen dat niemand te hard rijdt”
 

Er is dus veel voor te zeggen om de rol van de overheid juist te versterken. Geef de gemeente de bevoegdheid om boetes op te leggen bij overtredingen en stel eisen aan de deskundigheid van de constructeur. Voor de overheid is het eenvoudig om deze effectieve maatregelen te nemen en het kost niets.

Aan de andere kant hebben we de markt. Hoewel bedrijven als collectief, de markt, worden aangesproken, handelen ze vanuit eigen belangen in concurrentie met elkaar. Vanuit deze positie is het niet zo gemakkelijk om gezamenlijk stappen te zetten voor de constructieve veiligheid. Toch is op dit vlak al veel gebeurd. De constructeurs zijn verenigd in VNconstructeurs, het constructeursregister is opgezet, het Compendium Aanpak Constructieve Veiligheid is geschreven en recent doorontwikkeld naar het kennisportaal www.kpcv.nl. Er wordt steeds beter samengewerkt in de keten en er ontstaat zowaar, nog heel voorzichtig, een veiligheidscultuur.

De Wkb is de eerste bouwwet die eisen stelt aan het proces en de kwalificaties van mensen. Wat mij betreft een positieve trendbreuk. Het is nog effectiever om eisen te stellen aan de mensen die het werk doen dan aan de toetsers, maar goed, het is een begin. De cruciale beslissing die nog genomen moet worden, is hoe de relatie tussen de kwaliteitsborger en de gemeente wordt geregeld. Door amendementen die door de oude Tweede Kamer zijn aangenomen zou de gemeente toch weer zelf mogen gaan toetsen. Hoewel ik begrip heb voor de partijen die hieraan willen vasthouden, denk ik toch dat de nieuwe Tweede Kamer erop terug moet komen. Je haalt namelijk de private kwaliteitsborger onderuit. Als uiteindelijk toch iemand bij de gemeente de inhoudelijke beslissingen neemt, dan wil de markt daarmee in gesprek. De kwaliteitsborger is dan alleen maar een extra schakel.

Als je de constructieve veiligheid aan de markt wilt overlaten, dan zal je dat duidelijk moeten zeggen. Het is eng, maar de overheid moet dan ook echt loslaten. Voor mij staat het doel, de constructieve veiligheid in Nederland, voorop. Op dit moment is die beter in handen bij de markt dan bij de overheid. Met tegenzin concludeer ik dat de Wkb moet worden aangescherpt en zo snel mogelijk ingevoerd.

 

“Met tegenzin concludeer ik dat de Wkb moet worden aangescherpt en zo snel mogelijk ingevoerd”

Reacties

Jan Breedveld - Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid 19 juli 2018 11:18

Bedankt voor uw blog. u stelt : Op dit moment is die beter in handen bij de markt dan bij de overheid. Enige verantwoording en onderbouwing ontbreekt hier. Veiligheid is een primaire taak van de overheid. Dit stelt ook de Prof. Mr. P. van Vollehoven. De overheid heeft daarbij een onafhankelijkheid die bij geen enkele private marktpartij gevonden zal worden. Het zal op rij de zoveelste privatiserings-slag zijn welke (anders) duurder zal uitpakken dan nu verkondigd wordt.

Copyright 2018 Aeneas Media

Deze website maakt gebruik van cookies. Meer informatie AccepterenWeigeren