Eurocode 2 - Funderingen

Bookmark Download dit artikel Print deze pagina

vrijdag 1 februari 2008 Cement 2008/2 760x gelezen

  • Pagina 1
  • Pagina 2
  • Pagina 3
  • Pagina 4
  • Pagina 5
  • Pagina 6
  • Pagina 7

Pagina 1

O n d e r z o e k & t e c h n o l o g i e
Voor schrif ten
cement 2008 2 77
Het ontwerpen en berekenen van een fundering omvat
twee stappen: het geotechnisch ontwerp en het ontwerp
van de ...
O n d e r z o e k & t e c h n o l o g i e Voor schrif ten cement 2008 2 77 Het ontwerpen en berekenen van een fundering omvat twee stappen: het geotechnisch ontwerp en het ontwerp van de fundering zelf. Het geotechnisch ontwerp valt onder Eurocode 7, die uit twee delen bestaat: Deel 1: Algemene regels en Deel 2: Ontwerp ondersteund door laboratoriumonderzoek. Deze aflevering behandelt de essenti?le onderdelen van Deel 1 voor het ontwerpen en berekenen van de fundering. Benadrukt wordt dat hierin alleen het berekenen van relatief eenvoudige funderingen wordt behandeld, hetgeen slechts een klein deel van het totale toepassingsgebied van Eurocode 7 is. Op deze publicatie moet dan ook niet worden teruggegrepen voor het verkrijgen van informatie over alle onderdelen van Eurocode 7. G r e n s t o e s t a n d e n Aan de volgende uiterste grenstoestanden (UGT), die alle hun eigen belastingscombinaties hebben, moet in het geotechnisch ontwerp worden voldaan (NEN-EN 1997-1, art. 2.4.7.1.): EQU verlies aan statisch evenwicht in de con- structie; STR intern bezwijken of excessieve vervormingen van de constructie of een constructie-onder- deel; GEO bezwijken ten gevolge van excessieve defor- matie van de ondergrond; UPL verlies aan statisch evenwicht (opdrijven) door opwaartse beweging door waterdruk (opwaartse kracht); HYD hydraulische grondbreuk en inwendige erosie, bijvoorbeeld veroorzaakt door kwel van grondwater. Voor een toelichting op de Eurocode-terminologie wordt verwezen naar de eerste aflevering van deze serie: Introductie tot de Eurocodes. Aanvullend moet worden voldaan aan bruikbaar- heidsgrenstoestanden (BGT). Het zal meestal duide- lijk zijn dat ??n van deze grenstoestanden bepalend is voor het ontwerp, waardoor het niet nodig is dat controles voor alle grenstoestanden worden uitge- voerd. Het wordt echter in het algemeen gezien als `gewenste' praktijk dat wordt vermeld dat zij alle in beschouwing zijn genomen. G e o t e c h n i s c h e c a t e g o r i e ? n Eurocode 7 beveelt aan gebruik te maken van drie geotechnische categorie?n als hulpmiddel bij het vaststellen van de geotechnische ontwerpcriteria die op een constructie van toepassing zijn (tabel 1). De geotechnische categorie wordt, ook thans, met name gebruikt om de omvang van het uit te voeren grondonderzoek te bepalen. Er is nagenoeg een een- op-een relatie tussen de geotechnische categorie?n en de thans gebruikte veiligheidsklassen. Opmerking Eurocode 0 hanteert drie gevolgklassen (`consequence classes') bij het onderscheiden van de gevolgen van bezwijken of disfunctioneren van een constructie: CC3 is de `zwaarste' klasse, CC1 de `lichtste'. De meeste gebouwen zullen in klasse CC2 vallen (vergelijkbaar met veiligheidsklasse 3 uit NEN 6700). De gevolgklas- sen zijn een-op-een gekoppeld aan betrouwbaarheids- klassen RC1, RC2 en RC3, die de betrouwbaarheidsin- dex bepalen waarmee de belastingsfactoren worden berekend. Eenvoudig gesteld kan de indeling in geo- technische categorie?n direct in verband worden gebracht met de gevolgklassen: categorie 1 is CC1, categorie 2 is CC2 en categorie 3 is CC3. O n t w e r p m e t h o d e n e n c o m b i n a t i e s Er is geen consensus bereikt over het toepassen van een benadering bij het gebruik van de grenstoestan- den STR en GEO. Om rekening te houden met de verschillende inzichten voorziet Eurocode 7 in drie ontwerpbenaderingen die in de UGT kunnen worden toegepast (NEN-EN 1997, art. 2.4.7.3). Welke benade- ring in een bepaald land wordt gevolgd, is vastgelegd in de Nationale Bijlage (NB). De Nederlandse NB vermeldt dat is gekozen voor ontwerpbenadering 3 (OB3). Dit betekent dat in blijvende en tijdelijke ont- werpsituaties met betrekking tot intern bezwijken of excessieve vervormingen moet worden gerekend met de combinatie: Het ontwerpen en berekenen van betonconstructies met Eurocode 2 (6) Funderingen A r t i k e l e n s e r i e E u r o c o d e Dit artikel is het zesde in een serie van acht, waarvoor het initiatief ligt bij Cembureau, het Europees verband van cementindustrie?n. De artikelen zijn vanuit het Engels in het Nederlands vertaald en bewerkt door dr.ir.drs. C.R. Braam en afgestemd met CUR-Voorschriftencommissie 20. Tabel 1 | Geotechnische categorie?n van constructies cate- gorie omschrijving kans op geotech- nisch bezwijken voorbeelden uit Eurocode 7 1 kleine en relatief een- voudige constructies verwaarloosbaar geen voorbeelden gegeven 2 conventionele typen van constructies en funderingen zonder moeilijke ondergrond of belastingscondities geen exceptioneel risico fundering op staal 3 alle andere construc- ties abnormaal risico grote of ongebruikelijke constructies; exceptionele condities van de ondergrond

Cement, kennisplatform betonconstructies is een uitgave van Aeneas.
© 2012 www.cementonline.nl - alle rechten voorbehouden.