In mei 2009 is CUR-Leidraad 1 ‘Duurzaamheid van constructief beton met betrekking tot chloride-geïnitieerde wapeningscorrosie’ geïntroduceerd. Een CUR-Leidraad, geen CUR-Aanbeveling: vanwege de beperkte ervaringen met het model is ervoor gekozen eerst ervaring op te doen in de praktijk. Voor het verzamelen en verwerken van die ervaring is een nieuwe CUR-commissie ingesteld: CUR-commissie C177, die op zoek is naar de ervaringen met de CUR-Leidraad. Het gaat hierbij om ervaringen in de praktijk met de leidraad, maar ook om ervaringen naar aanleiding van het gebruik. Dit is een breed gebied, maar het is goed om deze ervaringen op één punt te verzamelen.
Pagina 1
Ervaringen CUR-Leidraad 1 gevraagd 12012 27
thema
Ervaringen CUR-Leidraad 1 gevraagd
Om duidelijk te maken waar de
CUR-commissie naar op zoek is
en om de ervaringen te stroomlij-
nen, zijn de volgende items
benoemd:
a.modelgerelateerd;
b.met betrekking tot invoerparame-
ters;
c. het gebruik van de leidraad;
d.afgeleide ervaringen.
Elk van de punten is hieronder toe-
gelicht met enkele voorbeelden.
Ad a. modelgerelateerd
In de CUR-Leidraad is gekozen voor
een model en aanpak van chloride-
indringing gebaseerd op Dura-
Crete. In de tijd kunnen er natuur-
lijk ontwikkelingen zijn die leiden
tot aanpassingen op dit gebied.
Voorbeelden zijn:
? Verbeteringen in het model:
Er zijn voorstellen tot verbetering
gedaan in een paper dat gepre-
senteerd is tijdens het SLD 2010
congres in Delft.
? Keuze voor veiligheidsfactor of
veiligheidsmarge:
In de huidige leidraad is gekozen
voor een veiligheidsmarge (extra
dekking), maar in de praktijk is
het gebruikelijk om te werken
met een veiligheidsfactor. Wat
sluit beter aan?
Ad b. met betrekking tot invoer-
parameters
In de CUR-Leidraad zijn diverse invoer-
parameters opgenomen, of juist niet.
Bij het gebruik van de CUR-Leidraad in
de praktijk leidt dit soms tot onduide-
lijkheden.Voorbeelden zijn:
? Aanpassingen invoerparameters:
In de CUR-Leidraad wordt nu als
uitgangspunt een initieel chloride-
gehalte van 0,10% genoemd. In de
praktijk schommelt deze waarde
rond de 0,1%. Voldoet dit ook?
? Aanvullen tabellen:
In de tabellen ontbreekt soms mili-
euklasse XS2 en XD2.
Ad c. het gebruik van de leidraad
Bij het gebruik van de CUR-Leidraad
blijkt dat deze niet in alle antwoor-
den voorziet. Voorbeelden zijn:
? Nabehandeling in dagen:
In de praktijk wordt meer gewerkt
met een sterkte als maat voor de
ouderdom van beton.
? Maximaal toelaatbare DRCM
-waar-
den (chloridemigratieco?ffici?nt):
Wat houdt dit in: gemiddeld of per
meetwaarde, hoe om te gaan met
spreiding, wanneer is het afwij-
kend en niet meer toelaatbaar?
Ad d. afgeleide ervaringen
Naar aanleiding van het gebruik van
de leidraad ontstaan er afgeleide
ervaringen. Dit zijn ervaringen die
niet direct met de leidraad zelf te
maken hebben, maar komen naar
voren als gevolg van het gebruik.
Voorbeelden zijn:
? In de ontwikkeling van de DRCM
-
methode is steeds gewerkt met
resultaten van het laboratorium.
Deze blijken redelijk constant te zijn
en reproduceerbaar (zie het artikel
`Ringonderzoek chloridemigratie-
proef'in deze Cement). Uit de prak-
tijk komen ook berichten van afwij-
kingen in de DRCM
-waarde ten
opzichte van deze ervaringen (zie
het artikel`D? DRCM
-waarde bestaat
niet'in deze Cement). Is dit een ver-
schil tussen labcrete en plantcrete,
of is er werkelijk iets aan de hand?
? Als een DRCM
-waarde niet voldoet,
wat zijn dan de sturingsmogelijk-
heden van de technoloog?
? Het resultaat van de berekening
hangt erg af van de DRCM
-waarde.
Kleine verschillen leiden tot grote
wijzigingen in de ontwerplevens-
duur. Klopt dit?
? Als controle wordt gevraagd een
DRCM
in de praktijk te bepalen. Kan
dit en aan welk criterium moet dan
worden voldaan?
Het is de bedoeling deze lijst verder
uit te breiden op basis van gegevens
en informatie uit de praktijk. Hier-
voor doen we een beroep op ieder-
een in de praktijk om ervaringen aan
te leveren. Deze ervaringen kunnen
op het terrein liggen van de
genoemde punten, maar aanvullen-
de informatie is ook van harte wel-
kom. Eventueel kunnen deze gege-
vens zonder projectnaam worden
aangeleverd.
Contact
Heeft u informatie over, of ervaringen
met de CUR-Leidraad in de praktijk en
wilt u deze delen? Dan ontvangt de
CUR-commissie uw reactie graag om
deze te kunnen verwerken in de eva-
luatie. Contactpersoon voor het aan-
leveren van ervaringen is Erwin Vega
(CUR Bouw&Infra, Postbus 420, 2800
AK Gouda, 0182 540620, erwin.vega@
curbouweninfra.nl). U kunt ook voor
vragen bij hem terecht.
In mei 2009 is CUR-Leidraad 1 `Duurzaamheid van constructief beton met betrekking tot chloride-ge?niti-
eerde wapeningscorrosie' ge?ntroduceerd. Een CUR-Leidraad, geen CUR-Aanbeveling: vanwege de beperkte
ervaringen met het model is ervoor gekozen eerst ervaring op te doen in de praktijk. Voor het verzamelen en
verwerken van die ervaring is een nieuwe CUR-commissie ingesteld: CUR-commissie C177, die op zoek is
naar de ervaringen met de CUR-Leidraad. Het gaat hierbij om ervaringen in de praktijk met de leidraad,
maar ook om ervaringen naar aanleiding van het gebruik. Dit is een breed gebied, maar het is goed om deze
ervaringen op ??n punt te verzamelen.
Leden van CUR-commissie
C177 (in alfabetische volgorde)
ir. Jeannette Bouwmeester - van
den Bos, BAM Infraconsult
prof.dr.ir. Klaas van Breugel, TU Delft
ir. Gerard Hol, Ingenieursbureau
Bartels
prof.dr. Rob Polder, TNO Bouw
drs. Erwin Vega, CUR Bouw & Infra
dr.ir. Gert van derWegen, SGSINTRON
ing. Eelco van der Weij, Betonmor-
telbedrijven Cementbouw
ir. Gerrit Wolsink, Rijkswaterstaat
Dienst Infrastructuur